Home  »  Blog  »  EU AI Act augustus 2026: De compliance-checklist voor Nederlandse organisaties

EU AI Act augustus 2026: De compliance-checklist voor Nederlandse organisaties

eu ai act augustus 2026 de compliance checklist voor nederlandse ondernemingen

Twee dingen zorgen dit jaar voor verwarring bij Nederlandse organisaties. Het eerste is dat de Uitvoeringswet AI-verordening nog niet in werking is, waardoor veel bedrijven aannemen dat zij nog niets hoeven te doen. Het tweede is dat de deadline van 2 augustus 2026, waar iedereen naartoe werkte, zes dagen van tevoren is verschoven.

Beide aannames leiden tot dezelfde fout: wachten. Dat is niet houdbaar. De AI-verordening is een verordening en werkt rechtstreeks door in Nederland, ook zonder nationale uitvoeringswet. En de verplichtingen die op 2 augustus 2026 zijn ingegaan, zijn juist de verplichtingen die vrijwel elke organisatie raakt.

Op 27 juli 2026 trad Verordening (EU) 2026/1744 in werking, de Digital Omnibus. Die stelde de hoog-risicoverplichtingen zestien maanden uit. De transparantieverplichtingen uit artikel 50 schoven niet op en zijn sinds 2 augustus 2026 handhaafbaar. Dit artikel zet op een rij wat er nu geldt, wat is verschoven, wie er in Nederland toezicht op houdt, en wat je de komende negentig dagen zou moeten doen.

image

Wat de Digital Omnibus heeft veranderd

Verordening (EU) 2026/1744 is vastgesteld op 8 juli 2026, gepubliceerd in het Publicatieblad op 24 juli 2026 en in werking getreden op 27 juli 2026. De verordening wijzigt de AI-verordening zelf. Het gaat dus niet om richtsnoeren of interpretatie, maar om geldend recht.

Vijf wijzigingen zijn relevant voor organisaties:

  • Zelfstandige hoog-risicosystemen uit bijlage III verschuiven van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027. Dit raakt onder meer werving en selectie, kredietbeoordeling, onderwijs, essentiele dienstverlening en rechtshandhaving.
  • Hoog-risicosystemen uit bijlage I, die zijn ingebouwd in gereguleerde producten, verschuiven van 2 augustus 2027 naar 2 augustus 2028.
  • AI-testomgevingen voor regelgeving moeten uiterlijk 2 augustus 2027 operationeel zijn in elke lidstaat, in plaats van 2 augustus 2026.
  • Artikel 5 kreeg twee nieuwe verboden: AI-systemen die materiaal van seksueel kindermisbruik genereren of manipuleren, en systemen die niet-consensueel intiem beeldmateriaal van identificeerbare personen maken. Beide gelden vanaf 2 december 2026. De toets verschilt per rol: aanbieders vallen eronder als generatie het beoogde doel is of een redelijkerwijs te voorzien en reproduceerbaar resultaat, gebruiksverantwoordelijken alleen bij bewust gebruik.
  • De definitie van veiligheidscomponent is versmald. De bepaling draait nu om de vraag of een component bedoeld is om risico’s voor gezondheid en veiligheid te voorkomen of te beperken, en de bijbehorende overweging stelt dat systemen die uitsluitend dienen voor gebruikersondersteuning, prestatie optimalisatie, efficiency, automatisering, gemak of niet-veiligheidsgerelateerde kwaliteitscontrole daar niet onder vallen. Daarmee vallen aanzienlijk meer industriële toepassingen buiten de hoog-risicocategorie.

Daarnaast krijgen mkb-bedrijven en kleine midcaps vereenvoudigde technische documentatie, kwaliteitsmanagement verplichtingen die in verhouding staan tot de omvang van de organisatie, en voorrang bij toegang tot testomgevingen. De gematigde sanctieregel bestond al voor het mkb en is nu uitgebreid naar kleine midcaps. En artikel 4 over AI-geletterdheid is herschreven, wat verderop apart wordt behandeld omdat het de wijziging is met de meeste gevolgen voor hoe organisaties hun medewerkers opleiden.

De nieuwe data zijn onvoorwaardelijk. In het eerdere voorstel waren ze gekoppeld aan de gereedheid van geharmoniseerde normen. Die koppeling is geschrapt. Ze opnieuw wijzigen vraagt een volledige wetgevingsprocedure.

ai verordening tijdslijn updates
De tijdlijn van de AI-verordening na Verordening (EU) 2026/1744. Transparantie schoof niet op, hoog risico wel.

Wat er nu geldt: transparantie uit artikel 50

Artikel 50 is sinds 2 augustus 2026 handhaafbaar en is door de Omnibus ongemoeid gelaten. Het bevat vier verplichtingen, verdeeld over aanbieders en gebruiksverantwoordelijken.

1. Vertel mensen dat zij met AI praten

Aanbieders van AI-systemen die rechtstreeks met mensen communiceren, moeten die systemen zo ontwerpen dat gebruikers weten dat zij met AI te maken hebben, tenzij dat evident is uit de context. In de praktijk raakt dit elke klantgerichte chatbot, spraakassistent en supportagent in jouw organisatie, inclusief functionaliteit die in ingekochte software zit.

2. Markeer AI-output machineleesbaar

Aanbieders van systemen die synthetische audio, beeld, video of tekst genereren, moeten die output machineleesbaar markeren en detecteerbaar maken als kunstmatig gegenereerd of gemanipuleerd. Dit is een technische eis, geen zichtbaar watermerk of disclaimer onder de afbeelding. Voor systemen die al voor 2 augustus 2026 op de markt waren, geldt een overgangstermijn tot 2 december 2026. Dat is voor de meeste organisaties de eerstvolgende harde datum.

3. Meld deepfakes

Gebruiksverantwoordelijken die deepfake beeld, audio of video verspreiden, moeten melden dat de inhoud kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd. Voor kennelijk artistiek, creatief, satirisch of fictief werk geldt een lichtere vorm van melding die het werk niet mag verstoren.

4. Meld emotieherkenning en biometrische categorisering

Gebruiksverantwoordelijken van systemen voor emotieherkenning of biometrische categorisering moeten de betrokken personen informeren. Let op: emotieherkenning op de werkvloer en in het onderwijs is geen transparantie vraagstuk maar een verbod, dat al sinds februari 2025 geldt en geen overgangstermijn kent, behalve wanneer het om medische of veiligheidsredenen wordt ingezet.

Een vijfde verplichting raakt door AI gegenereerde tekst die wordt gepubliceerd om het publiek te informeren over aangelegenheden van algemeen belang. Die moet als zodanig worden gemeld, tenzij een mens redactionele verantwoordelijkheid heeft genomen. Organisaties die AI-ondersteunde content publiceren over gereguleerde of maatschappelijke onderwerpen doen er goed aan die bepaling nauwkeurig te lezen.

Overtreding van artikel 50 valt in de tweede sanctiecategorie: tot 15 miljoen euro of 3% van de totale wereldwijde jaaromzet, afhankelijk van welk bedrag hoger is. Voor mkb-bedrijven geldt het laagste bedrag.

welke ai verordening verplichtingen gelden nu voor jou
Welke verplichtingen nu voor u gelden. Alles op de hoofdlijn is al handhaafbaar; alleen de laatste aftakking heeft een deadline in de toekomst.

Wat niet is verschoven

Het uitstel is beperkt. Alles hieronder geldt al maanden of jaren en is onverkort handhaafbaar.

De oorspronkelijke verboden uit artikel 5 gelden sinds 2 februari 2025. Sociale scoring, ongerichte verzameling van gezichtsopnamen en manipulatie die kwetsbaarheden uitbuit zijn simpelweg verboden. Emotieherkenning is verboden op de werkvloer en in het onderwijs, en alleen daar, met een uitzondering voor medische of veiligheidsredenen. Daarbuiten is het een transparantieverplichting en geen verbod. Er is geen overgangstermijn en geen eerbiedigende werking, en deze categorie kent de hoogste sanctie: tot 35 miljoen euro of 7% van de wereldwijde jaaromzet.

De verplichtingen voor AI-modellen voor algemene doeleinden gelden sinds 2 augustus 2025. De bevoegdheid van de Europese Commissie om aanbieders van die modellen te beboeten op grond van artikel 101 is per 2 augustus 2026 van toepassing geworden. Handhaving richting modelaanbieders is daarmee een feit.

Het internationale bereik is ongewijzigd. De verordening geldt voor aanbieders die AI-systemen op de EU-markt brengen ongeacht de vestigingsplaats, voor gebruiksverantwoordelijken in de EU, en voor partijen buiten de EU als de output van het systeem in de EU wordt gebruikt. Een Nederlandse organisatie die een Amerikaanse modelaanbieder gebruikt, valt er dus onder. De aanbieder zelf ook.

De wijziging in artikel 4 die vrijwel niemand opmerkte

Artikel 4 over AI-geletterdheid is op 27 juli 2026 gewijzigd, en die wijziging wordt in twee richtingen verkeerd begrepen.

De oorspronkelijke tekst verplichtte aanbieders en gebruiksverantwoordelijken om “zoveel mogelijk te zorgen voor een toereikend niveau van AI-geletterdheid bij hun personeel en andere personen die namens hen AI-systemen bedienen en gebruiken”.

De gewijzigde tekst verplicht hen om “maatregelen te nemen ter ondersteuning van de ontwikkeling van” dat niveau, en voegt toe dat het artikel geen verplichting inhoudt om een specifiek niveau van AI-geletterdheid bij enig individu te garanderen.

Dat is een verschuiving van een resultaatsverplichting naar een inspanningsverplichting. De verplichting is niet vervallen en blijft handhaafbaar. Wat veranderde is de toets. Je wordt niet langer beoordeeld op aantoonbare competentie van jouw medewerkers, maar op de vraag of je maatregelen hebt genomen.

Het gevolg is best tegenstrijdig. Losse initiatieven, een lunchsessie of een gedeelde prompt bibliotheek zijn moeilijker te verdedigen dan voorheen, omdat er niets is om naar te wijzen. Een gestructureerd programma met deelnemerslijsten, gedateerd materiaal en een vastgelegd curriculum is nu de goedkoopste manier om aan artikel 4 te voldoen. De Commissie verwijst naar de raamwerken AILit en DigComp 3.0. Voor volledige compliance is het aangeraden om een AI-geletterdheid workshop te volgen, waarmee je bewijs hebt.

Wie houdt in Nederland toezicht

Het Nederlandse wetsvoorstel kiest voor verdeeld toezicht in plaats van een aparte AI-toezichthouder. Bestaande toezichthouders houden toezicht binnen hun eigen domein. Let wel: dit is nog een voorstel, geen geldend recht.

In dat voorstel is de Autoriteit Persoonsgegevens de horizontale spil. De AP houdt toezicht op verboden AI-toepassingen, op de transparantieverplichtingen en op een groot deel van de hoog-risicosystemen die grondrechten raken, en is bovendien toezichthouder waar geen sectortoezichthouder duidelijk van toepassing is. De Rijksinspectie Digitale Infrastructuur is centraal aanspreekpunt onder artikel 70 en deelt de coördinatie- en kennisrol met de AP. Financiële toepassingen liggen bij de AFM en DNB, productveiligheid en zorg bij de betreffende inspecties, en toepassingen binnen de rechtspraak volgen een eigen interne route.

De Uitvoeringswet AI-verordening is nog niet in werking. Het wetsvoorstel ging op 20 april 2026 in internetconsultatie, die consultatie sloot op 1 juni 2026, en het moet nog door beide Kamers. Dat is het meest voorkomende misverstand dat wij bij Nederlandse organisaties tegenkomen: de nationale wet is laat, dus de verplichtingen ook. Dat klopt niet. De verordening werkt rechtstreeks door. Alleen het handhavingsapparaat wordt nog ingericht.

Voor wie de Nederlandse praktijk wil volgen: de AP publiceert periodiek de Rapportage AI & Algoritmes Nederland (RAN). In de editie van maart 2026 kreeg AI in werving en selectie ruim aandacht, met risico’s rond opeenstapeling van bias per processtap, onvoldoende transparantie richting kandidaten en geautomatiseerde afwijzingen zonder betekenisvolle menselijke beoordeling. Organisaties die AI inzetten in recruitment doen er verstandig aan dat dossier op orde te hebben, ook nu de hoog-risicoverplichtingen zijn uitgesteld.

Wat te doen met zestien maanden extra

Zestien maanden klinkt ruimer dan het is, om drie redenen.

Ten eerste duurt het werk langer dan het uitstel. Een conformiteitsbeoordeling is geen document dat je in een kwartaal schrijft. Het rust op een risicobeheersysteem dat lang genoeg draait om bewijs op te leveren, op datagovernance-documentatie over herkomst en biasbeperking, op logging die traceerbare registraties heeft vastgelegd, en op een plan voor monitoring na het in de handel brengen waar daadwerkelijk data in zit. Wie medio 2027 begint, stelt die stukken achteraf samen. Dat is duurder en minder verdedigbaar.

Ten tweede zijn de geharmoniseerde normen nog niet definitief. Zodra die er zijn, bepalen zij wat toereikend in de praktijk betekent, en alles wat op een aanname is gebouwd moet dan opnieuw langs de meetlat. De onderliggende capaciteit nu opbouwen en later op de norm afstemmen is goedkoper dan andersom.

Ten derde veranderde het uitstel niets aan de commerciële werkelijkheid. Inkoopafdelingen, aanbestedingen en due diligence vragen nu al om aantoonbare AI-governance en wachten niet op wettelijke deadlines. Een leveranciersvragenlijst van een klant kan je niet uitstellen tot december 2027.

Het meest waardevolle dat je met de extra tijd kunt doen, is opnieuw classificeren. Door de versmalde definitie van veiligheidscomponent vallen systemen die je eerder als hoog risico had ingeschaald daar mogelijk niet meer onder. Kwaliteitscontrole, prestatieoptimalisatie en gebruikersondersteuning vallen er nu buiten, tenzij het falen daarvan de gezondheid of veiligheid in gevaar brengt. Dat is dit kwartaal het meest renderende uur dat je aan de AI-verordening kan besteden. Een EU AI Act assessment levert die herclassificatie in een vaste scope op.

De checklist voor de komende negentig dagen

Tien stappen, gericht op de nu al geldende wetgeving. De eerste zes zijn voor de meeste organisaties in twee weken te doen.

  • Inventariseer elk AI-systeem dat in gebruik is, inclusief functionaliteit in ingekochte software. Shadow AI en ingebouwde leveranciersfuncties zijn waar het risico op artikel 50 meestal zit.
  • Markeer elk systeem dat met mensen communiceert of content genereert. Dat is jouw artikel 50-populatie.
  • Controleer de melding bij elke klantgerichte assistent. Gebruikers moeten weten dat zij met AI te maken hebben, tenzij dat overduidelijk is.
  • Controleer de machineleesbare markering bij elk systeem dat audio, beeld, video of tekst genereert. Alles wat voor 2 augustus 2026 live stond, moet uiterlijk 2 december 2026 in orde zijn.
  • Controleer waar relevant de meldingen rond deepfakes en emotieherkenning, en stel vast dat je geen verboden vorm van emotieherkenning inzet op de werkvloer of in het onderwijs.
  • Toets opnieuw aan artikel 5, inclusief de twee verboden die door de Omnibus zijn toegevoegd en vanaf 2 december 2026 gelden.
  • Herclassificeer je systemen tegen de versmalde definitie van veiligheidscomponent en haal alles wat niet langer als hoog risico kwalificeert uit het programma.
  • Leg de maatregelen rond AI-geletterdheid vast: curriculum, data, deelnemers, materiaal. Het bewijs is het artefact, niet het resultaat.
  • Zet het resterende hoog-risicowerk op een planning die ruim voor 2 december 2027 eindigt, niet erop.
  • Wijs een verantwoordelijke aan en zet een herijkingsdatum in de agenda. De data in dit artikel zijn al een keer verschoven.

Wil je dit niet intern oppakken, dan levert ons EU AI Act assessment de inventarisatie, de classificatie en de gap-analyse in een vaste scope.

Verplichtingen per rol

VerplichtingAanbiederGebruiksverantwoordelijkeImporteur of distributeurGeldt vanaf
Verboden uit artikel 5VerplichtVerplichtVerplicht2 feb 2025 (2 nieuwe verboden 2 dec 2026)
Maatregelen AI-geletterdheid (art. 4)VerplichtVerplichtAanbevolen2 feb 2025, gewijzigd 27 jul 2026
Transparantie (art. 50)Melding en markeringMelding deepfake en biometrieNaleving aanbieder controleren2 aug 2026 (bestaande systemen 2 dec 2026)
Risicobeheer (art. 9)VerplichtNiet van toepassingNaleving aanbieder controleren2 dec 2027 (bijlage III)
Technische documentatie (art. 11)VerplichtInstructies bewarenNaleving aanbieder controleren2 dec 2027 (bijlage III)
Menselijk toezicht (art. 14)In ontwerpIn uitvoeringNiet van toepassing2 dec 2027 (bijlage III)
Registratie EU-databank (art. 49)VerplichtAlleen publieke organisatiesNiet van toepassing2 dec 2027 (bijlage III)
Monitoring na in de handel brengen (art. 72)VerplichtGebruik monitorenIncidenten melden2 dec 2027 (bijlage III)

Conclusie

De Digital Omnibus heeft de AI-verordening niet verzwakt. Hij heeft de verordening opnieuw in balans gebracht, en daarmee het verschil zichtbaar gemaakt tussen organisaties die hun nalevingsplan om een datum hebben gebouwd en organisaties die het om hun eigen systemen hebben gebouwd.

Was je programma ingericht op bijlage III, dan heb je zestien maanden extra en een smallere scope. De verstandige reactie daarop is herclassificeren, niet achteroverleunen. Was je programma ingericht op een datum, dan wijst het naar de verkeerde verplichtingen, want wat vandaag handhaafbaar is zijn juist de transparantie-eisen die vrijwel elke organisatie raakt en die in de meeste plannen als voetnoot staan.

De eerstvolgende harde datum is 2 december 2026, wanneer de overgangstermijn voor markering afloopt voor generatieve systemen die al op de markt waren. Dat is ongeveer een kwartaal weg. En de Uitvoeringswet is geen reden om te wachten, want de verordening geldt nu al.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Is de deadline van augustus 2026 vervallen?

Nee, hij is gesplitst. De transparantieverplichtingen uit artikel 50 en de bevoegdheid van de Commissie om aanbieders van AI-modellen voor algemene doeleinden te beboeten op grond van artikel 101 zijn beide op 2 augustus 2026 ingegaan zoals oorspronkelijk gepland. Alleen de hoog-risicoverplichtingen zijn uitgesteld: bijlage III naar 2 december 2027 en bijlage I naar 2 augustus 2028, op grond van Verordening (EU) 2026/1744.

Geldt de AI-verordening al zonder de Nederlandse uitvoeringswet?

Ja. Een Europese verordening werkt rechtstreeks door in de lidstaten en heeft geen omzetting nodig. De Uitvoeringswet AI-verordening regelt vooral wie in Nederland toezicht houdt en hoe wordt gehandhaafd. Zolang die wet nog niet in werking is, gelden de verplichtingen onverkort; alleen de handhavingspraktijk is nog in opbouw.

Moet ik nu nog iets doen aan hoog-risicosystemen?

Ja, om twee redenen. Een conformiteitsbeoordeling steunt op bewijs dat zich over langere tijd opbouwt, zoals registraties uit risicobeheer, datagovernance-documentatie en monitoringgegevens. Wie in 2027 begint, stelt dat achteraf samen. Daarnaast betekent de versmalde definitie van veiligheidscomponent dat sommige systemen niet langer als hoog risico kwalificeren. Dat is het controleren waard voordat u er nog een kwartaal aan besteedt.

Is training in AI-geletterdheid nog verplicht?

Artikel 4 bindt nog steeds elke aanbieder en gebruiksverantwoordelijke, maar de verplichting is op 27 juli 2026 veranderd van zorgen voor een toereikend niveau naar maatregelen nemen die de ontwikkeling daarvan ondersteunen. Er hoeft uitdrukkelijk geen specifiek niveau bij een individu te worden gegarandeerd. De toets is daarmee documentair geworden: u moet laten zien wat u heeft gedaan, niet bewijzen wat uw medewerkers weten.

Geldt de AI-verordening ook voor bedrijven buiten Europa?

Ja. De verordening geldt voor elke aanbieder die een AI-systeem op de EU-markt brengt of in de EU in gebruik neemt, ongeacht vestigingsplaats, voor gebruiksverantwoordelijken die in de EU gevestigd zijn, en voor partijen in derde landen wanneer de output van het systeem in de EU wordt gebruikt.

Wat zijn de sancties?

Drie categorieen. Tot 35 miljoen euro of 7% van de totale wereldwijde jaaromzet voor overtreding van de verboden uit artikel 5. Tot 15 miljoen euro of 3% voor de meeste andere verplichtingen, waaronder artikel 50 en de hoog-risico-eisen. Tot 7,5 miljoen euro of 1% voor het verstrekken van onjuiste, onvolledige of misleidende informatie aan aangemelde instanties of nationale bevoegde autoriteiten. Telkens geldt het hoogste bedrag, behalve voor mkb-bedrijven en start-ups, waar het laagste bedrag geldt.

Maak DataNorth AI je Google-favoriet